De boom


J. v.d. Steen, A. Kemp/B. de Groot

Er stond een boom in het bos
Tot hoog in de hemel
Zijn voeten in de aarde
Hij kwam nooit meer los
Een man liep voorbij
Hij kerfde wat tekens
In de stam van de boom
En zei: die boom is van mij

Hij zei: Ik kom al jaren in ‘t bos
En ken alle bomen
Ik heb ze zien groeien
Op het donsgroene mos
Maar dit is mijn held
Hij is al oud en moe
Ik blijf hem verzorgen
Totdat de stormwind hem velt

Ze zijn sterk, zei de man
Want bomen zijn reuzen
En wij zijn maar dwergen
In het hemelse plan
Alleen een orkaan
Krijgt ze tegen de vlakte
Want dat is de natuur
En zo zal het dus gaan

In de natuur wordt het leven
Vaak simpel verteld:
Waar de boom werd gezaaid
Wordt hij ook weer geveld

Om een bocht in het pad
Kwamen twee mannen
Ik zag dat een van de twee
Een bijl bij zich had
Dit moet hem zijn
Zei de een tot de ander
Een reus van een boom maar
Wij krijgen ‘m wel klein

Die boom is ziek en moe
We moeten hem vellen
Maar de man van de boom riep:
Dat sta ik niet toe
Alleen een orkaan
Mag deze boom vellen
Dat is de natuur
En zo zal het dus gaan
In de natuur wordt het leven
Vaak simpel verteld:
Waar de boom werd gezaaid
Wordt hij ook weer geveld

Opeens slaakte hij een gil
En plantte zijn mes
In het hart van de mannen
Daarna bleef het stil
Het mos kleurde rood
Maar alles bleek zinloos
De boom stond er al eeuwen
De boom was al dood



Album 2018 : Even Weg